Plasma tegenover LCD
Er bestaan 2 soorten flatscreen televisies: de plasma modellen en de LCD toestellen. Beide technologieën hebben het mogelijk gemaakt om grote televisieschermen te produceren die soms enorm grote proporties kunnen aannemen, terwijl ze toch het gewicht en de omvang van de televisie beperkt houden.
Zowel de plasma als LCD toestellen zijn vrij duur, maar de kloof met de normale (CRT) toestellen wordt met de dag kleiner.
Er zijn een aantal verschillen tussen de plasma en LCD televisies, dus het is belangrijk deze te overwegen alvorens tot aankoop over te gaan.
Plasma
Zowat alle plasma schermen hebben een breedbeeld verhouding (16:9). De schermgroottes starten bij zowat 42 inch (63cm) en variëren meestal tot 61 inch (91cm).
Ook de prijzen kunnen enorm verschillen. Uiteraard is dit ook bepalend voor de kwaliteit van het toestel. Een plasma televisie van 2000 euro zal niet over dezelfde beeldkwaliteit beschikken als een van 3500 euro. Bij de budget modellen zal er bijvoorbeeld minder contrast aanwezig zijn, waardoor het beeld zachter overkomt met minder kracht en detail.
Het is zo dat zelfs de beste plasma schermen niet helemaal in staat zijn de kwaliteit van een goed CRT toestel te evenaren. Vooral dan bij de donkere zwarte kleuren en donkergrijze tonen heeft een CRT nog licht voordeel ten opzichte van een plasma toestel.
Bij de plasma technologie worden ook fosfors gebruikt om het licht te genereren, net zoals bij CRT schermen. Hierdoor is het mogelijk dat een bepaald beeld in het scherm wordt ingebrand wanneer het langdurig getoond wordt. Dit houdt in dat dit bepaald beeld niet onmiddelijk verdwijnt wanneer het beeld veranderd.
LCD
LCD schermen zijn in de eerste plaats ontwikkeld voor het gebruik als computerscherm. De afmetingen variëren hier van 15 inch (of zelfs kleiner) tot 65 inch. Wanneer de schermgrootte kleiner is dan 42 inch, kunnen deze breedbeeld HDTV LCD toestellen zelf een directe concurrent vormen van de CRT toestellen van vergelijkbare grootte.
De grotere LCD schermen zijn over het algemeen duurder dan de plasma toestellen in dezelfde klasse op vlak van grootte.
LCD toestellen hebben een lagere contrast verhouding dan plasma schermen, waarbij ze moeilijker de diep zwarte kleuren en grijzen kunnen reproduceren. Ze hebben ook een minder hoge reactiesnelheid. De dikte van de toestellen is ook groter dan bij de plasma varianten.
LCD schermen hebben ook een minder grote effectieve kijkhoek, waardoor ze minder goed te bekijken zijn wanneer men niet recht voor het scherm staat of zit (plasma schermen reageren hierop zoals de conventionele CRT schermen). Een voordeel echter bij LCD toestellen is dat ze niet gevoelig zijn aan inbranden van beelden en ze zijn makkelijker te bekijken in fel verlichte kamers.
Op vlak van warmteproductie presteren de LCD toestellen ook beter ten opzichte van plasma’s. Ze hebben dus geen nood aan extra koeling. LCD schermen zullen vooral aantrekkelijk zijn in situaties waarbij een plasma scherm te groot zou zijn en wanneer je een toestel wilt dat zowel kan fungeren als televisietoestel als computerscherm.